
Stripboeken
AlgemeenIn de vorige aflevering hebben we het gehad over stripbladen en krantenstrips. In deze aflevering gaat het over de stripboeken en een Oudewaterse verzamelaar daarvan.
Het kleinste stripboekje
In de hele kleine stripboekjes (12½ bij 9 cm) van net na de oorlog over de avonturen van Dick Bos was de Amerikaanse invloed duidelijk aanwezig. Het ging vaak over obscure kroegen, ongure types, gemene gevechten met drank en drugs. Je las als kind Dick Bos dan ook stiekem met een zaklantaarn onder de dekens. Zo’n boekje kreeg je meestal te leen van een vriendje bij wie ze het thuis niet zo nauw namen, want je durfde echt je ouders niet te tarten om te vragen of je van je zakgeld zelf een Dick Bosboekje mocht gaan kopen.
Illustrated Classics
Iets groter van formaat en zonder harde kaft waren de Illustrated Classics (24½ bij 17½ cm). De serie van meer dan 160 delen had als ondertitel ‘Beroemde boeken in woord en beeld’ en verscheen in 1956 op de Nederlandse stripmarkt met elke twee weken een nieuw afgerond verhaal. Op deze manier kwamen jongeren, maar ook ouderen, in aanraking met beroemde boeken van over de gehele wereld.
Ik was er gek op. Tientallen heb ik er gekocht en gelezen. Toen ik mijn eerste spreekbeurt moest houden op de M.U.L.O., maakte ik gebruik van het verhaal ‘De Ilias’ (Het paard van Troje). Veel voorbereiding had het me niet gekost: gewoon nog een keer de Classic lezen.
Henk Stofberg had wel heel bijzondere herinneringen aan deze Classics:
“Ik hoefde in mijn jeugd nauwelijks aparte stripboeken of stripbladen te kopen. Hoe kwam dat? Wel, mijn vader Arnold Stofberg, is zijn hele volwassen leven leraar geweest. In mijn jeugdjaren gaf hij les in Utrecht en later aan de Westerschool te Gouda, nadien Maarten Luther M.A.V.O. geheten, tot aan zijn dood toe in 1975. Aan het einde van de week nam hij vrijwel altijd prachtige stripverhalen mee, meestal exemplaren uit de serie Illustrated Classics. Als een leerling tijdens de les gesnapt werd met het lezen van zo’n stripverhaal (en dus niet oplette), dan moest de bewuste leerling dat exemplaar inleveren bij hem en kreeg het pas na het weekend weer terug. Maar eerst mocht ik het lezen. Aldus had ik als zoonlief de gelegenheid om in het weekend soms meerdere exemplaren te verslinden en te genieten van de verhalen. Het was soms bijna bijzonder als er wekenlang geen nieuwe voorraad voor het weekend aangeleverd werd. Had iedereen vast goed opgelet of was niet betrapt.
Tja, iets vergelijkbaars speelt er heden ten dage rondom het wel of niet inleveren van je mobieltje op school tijdens de les, laat staan als sanctie op ongeoorloofd gebruik.
Overigens denk ik dat de Illustrated Classics niet zo bekend waren bij het grote publiek. Elk nummer bevatte klassieke verhalen uit de wereldliteratuur in de vorm van een strip. Kijk maar eens op Wikipedia.nl. Uiterst boeiende vertellingen van en over b.v. Homerus, Charles Dickens, Jules Verne en ook Moby Dick, Robbinson Crusoë, Robin Hood, De Graaf van Monte Cristo etc. Prachtig!
Ach, ieder zijn interesse, maar ik heb jaren genoten van ‘gratis’ stripverhalen met dank aan de leerlingen die even niet bij de les waren. En soms mocht de leraar de toch al gelezen exemplaren zelfs behouden.
Zal bij een in beslag genomen mobieltje niet zo gauw gebeuren.
De absolute toppers onder de stripboeken.
Hierbij denken we natuurlijk meteen aan twee boeken van Belgische striptekenaars: Kuifje en Suske en Wiske.
De Avonturen van Kuifje is een vooroorlogse creatie van de Belgische striptekenaar Remi die werkte onder het pseudoniem Hergé. De stripreeks gaat over de fictieve reporter Kuifje en startte als krantenstrip in 1929. Een jaar later verscheen het eerste album. Het eerste Nederlandstalige album verscheen in 1946: ‘Kuifje in het land van de Sovjets’. Daarna kwamen ‘Kuifje in Congo’ en ‘Kuifje in Amerika’ op de markt.
Kuifje reisde door vreemde landen, ving boeven en vond schatten. Hij vloog zelfs naar de maan! Dat deed hij al in 1950, bijna 20 jaar eerder dan de Amerikaanse astronauten. Tijdens zijn avonturen leerde Kuifje zijn vrienden kennen zoals de detectives Jansen en Janssen, professor Zonnebloem en kapitein Haddock. Die laatste was vooral bekend en geliefd door zijn schelden en vloeken. “Duizend bommen en granaten” is zijn bekendste uitspraak. Maar hij gebruikte ook allerlei krachttermen zoals “Driedubbel overgehaalde, omgekeerde ezel”, “Gediplomeerde komkommers”, “Lauwwaterdrinker”, “Vat mosterdpap” en “Zoetwatermatroos”.
Boeven die Kuifje in één verhaal had ontmoet, kwamen vaak later weer terug.
In 1983 overleed Hergé. Zijn erfgenamen hebben daarna besloten om geen nieuwe Kuifje-verhalen door andere schrijvers en tekenaars te laten maken.
Suske en Wiske
Dit is een Vlaamse stripreeks die bedacht is door Willy Vandersteen en later door anderen werd voortgezet. De stripreeks loopt al sinds 1945. De verhalen zijn in de eerste plaats humoristisch van aard en werden al spoedig uitermate populair. Vandersteen doorspekte zijn verhalen met humor die varieerde van absurde grappen en woordspelingen tot moppenboekachtige grappen. Soms werden ook letterlijk moppen geciteerd. Met name in de beginjaren van de strip verwees Vandersteen regelmatig naar de actualiteit, een formule die in de kranten natuurlijk op dat moment perfect werkte, maar ook snel weer gedateerd raakte, wanneer de verhalen eenmaal in albumvorm waren uitgegeven. Daarom verdween de actuele humor snel uit de reeks, hoewel de strip altijd een sterk maatschappijkritische ondertoon heeft gehouden. Later werd de reeks door andere schrijvers overgenomen.
De bekendste personages naast Suske en Wiske zijn de goede vriend van het tweetal, Lambiek, hun broodmagere tante Sidonia, de oersterke vriend Jerom, professor Barabas die er voor zorgt dat het verhaal regelmatig in een andere tijd speelt en de lappenpop van Suske: Schanulleke.
De serie loopt nog steeds. 3 Mei 2023 kwam deel 406 uit: De Rookburgh Rookies.
Asterix
Veel stripboeken zijn na de oorlog verschenen. Onmogelijk om er nog meer in deze ff z@ppen te behandelen, maar toch wil ik een uitzondering maken voor Asterix. De populariteit van deze strip is ongekend. Vooral volwassenen genieten van de geweldige droogkomische teksten en tekeningen.
Centraal in de reeks staat Asterix, een inwoner van een Gallisch dorpje dat stand weet te houden tegen de Romeinse keizer Caesar. De inwoners slagen daarin omdat hun druïde Panoramix een recept kent van een toverdrank die de Galliërs onoverwinnelijk maakt.
Samen met zijn vriend Obelix maakt Asterix vaak reizen door het Romeinse rijk voor uiteenlopende doeleinden.
De verhalen zijn oorspronkelijk geschreven door de Fransman Uderzo. Later zouden ook andere schrijvers aan de Asterix-strips werken. In Nederland verscheen de strip in het weekblad Pep en later in Eppo.
De belangrijkste personages zijn: de hoofdpersoon Asterix (klein en slim), Obelix (zijn vriend de menhirhouwer van het dorp die als kind in een ketel met toverdrank is gevallen en daardoor heel sterk is), Idéfix (het hondje), Panoramix (de druïde), Kostunrix (de visboer), Hoefnix (de smid), Heroix (de hoofdman) en Kakofonix (de valsspelende bard).
Verzamelaars van stripboeken
Er zijn vele verzamelaars van stripboeken in Nederland. Op speciale strip- en boekenbeurzen zie je ze rondstruinen op zoek naar dat ene bijzondere exemplaar dat ze nog niet hebben en zo graag aan hun verzameling willen toevoegen. Meestal mannen; vaak van oudere leeftijd die met hun mancolijstjes de kramen afstruinen. “Mannen blijven altijd kinderen”, wordt wel eens terecht gezegd. De echte verzamelaars hebben zich meestal gespecialiseerd. ‘Tom Poes en Olie B. Bommel’ van Marten Toonder bijvoorbeeld kent een grote verzamelclub: M.T.V.C. (Marten Toonder Verzamelaars Club) met maar liefst 1600 leden en een eigen blad ‘Toondertijd’ dat vier keer per jaar naar de leden wordt gestuurd. In Zoeterwoude staat zelfs een Toondermuseum met de naam ‘Bommelzolder’.
Ook in Oudewater worden stripboeken verzameld. Bij ons op de Rommelmarkt 2.0 in Hoenkoop komt elke zaterdag Cor Vlasman met zijn vrouw Nettie even langs om te kijken of er nog wat nieuws voor hem is binnengekomen. Achter zijn huis in de Wijngaardstraat heeft hij in de schuur, waar hij o.a. ook kippen en konijnen houdt, zijn verzameling stripboeken keurig in schappen uitgestald. Een verzameling die vele jaren geleden begon in Papekop. Nettie en Cor zagen daar langs de kant van de weg een stapel stripboeken liggen. Even aangebeld of ze de strips mochten meenemen. Dat was goed en die stapel uit Papekop was de aanzet tot het verder verzamelen. Eerst vooral met Suskes en Wiskes, maar later kwamen ook de Lucky Lucks, Asterix, De Rode Ridder enz. in beeld.
“Stripboeken lezen houdt je jong.” Heb ik weleens gehoord. En wie wil dat nu niet!
Bronvermelding: Henk Stofberg, Herman van der Klis, Cor Vlasman, Wikipedia, Marten Toonder Verzamelaars Club.
De vorige afleveringen van ff z@ppen zijn gebundeld in zeven delen. Waarvan de laatste twee in zwart/wit. De rijk geïllustreerde boekjes zijn voor € 17,50 in Oudewater te koop bij de Read Shop, de TIP en bij de schrijver zelf op De Cope 6. Deel 5 staat geheel in het teken van de oorlog.



















