
Blik op ... Afscheid
AlgemeenMijn vaste lezers zullen weten dat ik een fan ben van de Tour de France. In de warme zomermaand juli, wanneer het vaak te warm is om buiten te zitten, wordt dat evenement verreden en breng ik de middagen door op de bank met het kijken naar Franse kastelen en uiteraard het peloton der matadoren dat zich bij soms ongezonde temperaturen door het Franse landschap voortbeweegt. Zeker in ‘vlakke’ etappes is dat soms net als kijken hoe het gras groeit en verandert er urenlang niets anders dan de afgelegde afstand. In de finale wordt het meestal pas spannend als er gesprint moet worden. Op de achtergrond het commentaar van Joris van den Berg en Maarten Ducrot. En voor die laatste is het nu definitief opgehouden. Hij heeft zondag zijn laatste Amstel Gold Race becommentarieerd.
Ik zal hem missen. Ik genoot vooral van zijn verhalen en zijn creatieve taalgebruik. Van de renners die, ondersteboven op de fiets, alsnog probeerden te winnen of die, om hun moeder roepend, achterin het peloton alsnog probeerden de tijdslimiet te halen. En de verhalen van ontbering, pure pech en geluk hebben uit zijn eigen wielercarrière en die van andere voorbije helden. Waar hij zichzelf ook zeker relativeerde. Zijn oprechte verontwaardiging over het gebrek aan aandacht van organiserende instanties voor de veiligheid van de renners tussen die hagen van toeschouwers. Zijn hoorbare afschuw van verschrikkelijke valpartijen en de spanning van afdalingen van bergen, waar de renners zich soms met ware doodsverachting van af storten. Zijn beeldende verhalen over de vele technische aspecten van een racefiets en zijn gevoel voor humor.
Voor Joris van den Berg was het Herbert Dijkstra die zijn vaste maatje was bij de Tour. Herbert Dijkstra was de man van de kastelen, waarvan ze er in Frankrijk heel veel hebben, evenals kerken en kloosters die allemaal voorbij komen in de Franse regie, soms ten koste van de het in beeld brengen van de etappe.
Maar goed, aan alles komt een eind. Maarten Ducrot gaat van zijn pensioen genieten. We zullen deze zomer zien en vooral horen hoe zijn opvolgers het ervan af brengen. En na 20 jaar zal Maarten het ook vanaf de bank of tussen het publiek allemaal aanzien. Net als wij gewone Nederlanders die niet aan racefietsen doen.
Trudie Scherpenzeel
Trudie Scherpenzeel















