
Om en nabij de tachtig… Jeanne de Wit-de Goey (88), een mensenmens midden in Montfoort
Door: Sjoukje Dijkstra AlgemeenZe zit in haar stoel aan de keukentafel. Hier in de Bongerd, vlak bij de Antoniushof in Montfoort, voelt ze zich thuis. De supermarkt is om de hoek, de kerk ook. “Ik ben een mensenmens. Ik moet tussen de mensen zitten”, zegt de 88-jarige Jeanne de Wit-de Goey beslist.
“Toen ik van mijn boerderij aan Achthoven West verhuisde naar dit appartement, zeiden mensen: hoe kun je dat nou doen, weg van het buitengebied? Maar ik zei: nu hoeven jullie niet meer naar mij toe te komen en zitten we dicht bij elkaar. Ik heb hier alles wat ik nodig heb.”
Van Woerden naar Achthoven West
Jeanne werd geboren in Woerden, in een boerengezin van tien kinderen. “Iedereen was arm in zijn portemonnee, maar gelukkig. Niemand klaagde, iedereen was gelijk”, zegt ze. Haar man kwam uit Alphen aan den Rijn. Samen kochten ze de boerderij aan Achthoven West, waar het huis volledig moest worden herbouwd na een brand. Daar maakten ze jarenlang kaas. “We deden alles samen”, vertelt ze. “Melken, naar het land, kaas maken. We waren een echt team.”
Bewogen leven
Vanaf haar twaalfde zat Jeanne bij de padvinders, daarna bij de jongerenvereniging, en vanaf haar zestiende speelde ze toneel. “Dat doe ik eigenlijk nog steeds”, zegt ze lachend. Ze regisseerde jarenlang toneelstukken van de KPJ en zat in diverse besturen, waaronder de plattelandsvrouwen.
Ook in de lokale politiek speelde ze een actieve rol. Ze zat jarenlang voor het CDA in de gemeenteraad van Montfoort. “Ik vond het heel leuk en leerzaam”, zegt ze. “En mijn man stond er altijd achter. Hij zei dan: als jij vindt dat het zo moet, dan vertrouw ik daarop. Jij zit dicht op de mensen, jij hoort de verhalen. Doe maar wat jij denkt dat goed is.”
Achter haar vrolijke lach schuilt een bewogen leven. Aan de keukentafel hangt niet voor niets haar levenslied: het nummer van Ramses Shaffy Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder. “Dat is het leven”, zegt ze. “Dat héle leven.”
Ze wijst naar een foto op de kast: haar vijf kinderen. Twee van hen overleden. Haar dochter Wilma was twee jaar oud toen ze in 1966 ziek werd en na vier maanden ziekenhuis alsnog overleed. “Ze was altijd vrolijk. Het was een engel van een kind”, zegt Jeanne. “We mochten maar drie keer per week bij haar, dat kun je je nu niet meer voorstellen.”
Jaren later overleed ook haar zoon, op 22-jarige leeftijd, door een ongeluk. “Dat is zo erg”, zegt ze zacht. “Hij was een echte boer, net als zijn vader. Hij zat overal in: voetbal, de KPJ. Iedereen kende hem.”
Het verdriet verwerkte Jeanne op haar eigen manier. Haar man op de zijne. “Hij moest huilen als hij alleen was, tijdens het voeren van de dieren. Dat is rouw. Iedereen doet dat anders.”
Geloof, kerk en vrijwilligerswerk
Het geloof speelt een belangrijke rol in haar leven. In de katholieke kerk van Montfoort deed ze jarenlang vrijwilligerswerk: ziekenbezoek, nazorg voor nabestaanden, voorgaan in vieringen en assisteren bij uitvaarten. “Dat was heel mooi werk”, zegt ze. “Mensen nabij zijn, juist als het moeilijk is.”
Dit jaar viert de katholieke kerk haar honderdjarig bestaan en werd er ter gelegenheid daarvan een boerenbruiloft gehouden. Jeanne schitterde als bruid. “Niemand wist wie de bruid en bruidegom waren”, zegt ze. “Het was zó’n feest.”
Volop leven in de Bongerd
Sinds haar verhuizing voelt Jeanne zich helemaal thuis in de Bongerd. “Ik heb een groot terras, ik doe overal aan mee. Klaverjassen, zingen, gezelligheid”, vertelt ze.
Onlangs kwamen Les Boutonniers, de carnavalsvereniging van Montfoort, een muzikale middag verzorgen in de Antoniushof, met Nederlandse meezingers en carnavalskrakers. “Dat was zó leuk, daar geniet ik echt van”, zegt ze.
Carnaval is dan ook een groot deel van haar leven. “Ik hou van carnaval. Altijd gedaan”, zegt ze. “De zak met mijn carnavalsspullen staat alweer klaar. Zodra het begint, kan ik niet wachten.”
Dankbaar
Ze prijst ook de inzet van Trudy Bogaards, medewerkster van de Antoniushof, die elke keer weer van alles organiseert. “Die verdient echt een compliment. Dat moet je echt erin zetten”, benadrukt ze.
Jeanne heeft inmiddels tien kleinkinderen en ook al vijf achterkleinkinderen. “Met carnaval loopt de hele familie hier binnen”, zegt ze glunderend. “Dan geniet ik volop.” Elke ochtend bidt ze een kort gebed. “Ik dank dat ik dit allemaal nog mag en kán doen”, zegt ze. “Dat ik hier woon, tussen de mensen. Dat ik fysiek en geestelijk nog zo goed ben en daardoor volop in het leven mag staan. Ik besef heel goed dat het zomaar anders kan zijn.”



















