
Nell van Gool neemt afscheid
AlgemeenNa 23 jaar, waarvan dertien jaar als voorzitster, neemt Nell van Gool afscheid van het bestuur van de Geschiedkundige Vereniging Oudewater. Vorige maand hield Gé Vaartjes voor een bomvolle zaal een schitterende lezing over Godfried Bomans, ja, zo zegt Nell, daar hebben we twee jaar op mogen wachten, eerst vanwege corona en vervolgens omdat een en ander door privéomstandigheden opschoof, maar we hebben toch het gevoel van een soort doorstart.
Dit was weer eens een activiteit zoals vanouds, inmiddels in de tuinzaal van De Wulverhorst waar we gratis gebruik van mogen maken, en tegelijkertijd de grootste van alle accommodaties (oude stadhuis, de Rank, het zalencentrum) waar we voor lezingen en bijeenkomsten terecht kunnen. De vereniging heeft een nieuwe secretaris en een nieuwe penningmeester, en er wordt hard gewerkt aan een tentoonstelling die dit voorjaar van start moet gaan. Het onderwerp zijn de tekeningen van Rahms, de stadsfotograaf die over meer talenten beschikte dan menigeen weet.
Nell: “Ideeën genoeg, je wilt zoveel, maar het wordt gaandeweg wel steeds moeilijker om vrijwilligers te vinden. Burgemeester De Vries opperde dat we mogelijk winst kunnen boeken door alle vrijwilligers in de musea, de stadsgidsen en de gidsen van de rondvaartboten vanuit één centraal punt in te zetten naar de onderwerpen waar zij vertrouwd mee zijn. Vlak niet uit dat veel jonge mensen die je graag als vrijwilliger zou zien tegenwoordig een overvolle agenda hebben.”
Oudewaterse moord
Het grote schilderij in het oude stadhuis dat de belegering van Oudewater in 1575 (De Oudewaterse Moord) laat zien is zo’n markant stuk geschiedenis uit de canon van Oudewater dat je dat graag aan elke bewoner en elke bezoeker aan de stad zou willen tonen. Ik ben ervan overtuigd dat heel veel jonge Oudewaternaars dat schilderij nog nooit gezien hebben. In de ideale situatie zou je er als bezoeker bij wijze van spreken dagelijks binnen moeten kunnen lopen, maar organiseer dat maar eens dag na dag. We zijn er al trots op dat we in het seizoen elke zaterdag ons mooie stadhuis, het schilderij en de museumzolder kunnen laten zien.
Luister goed, ik klaag niet, maar de activiteiten van het stadsmuseum komen nu ten laste van onze vereniging terwijl dat bijvoorbeeld voor het touwmuseum en de heksenwaag heel anders ligt. Als vereniging zijn we dolblij met het museum, al mag ik er wel bij zeggen dat het ons ‘overkomen’ is. Het aanbod om van de stadhuiszolder een museum te maken lag er, nee zeggen was geen optie, en gelukkig zijn onze museumvrijwilligers er wekelijks mee in touw. Maar het geld om er bijvoorbeeld een brandvrije archiefruimte te maken is er niet.”
Zou je misschien bij de Tip een soort passepartout moeten verkopen voor Heksenwaag, touwmuseum en stadhuis? Nell van Gool: “t Zou mooi zijn maar dan moet er nog heel wat geregeld worden met bijvoorbeeld de museumjaarkaart, de openingstijden en de bemensing, maar voor het idee is wat te zeggen.
Veranderende tijden
Terugblikkend: in het jaar 2000 werd Nell van Gool secretaris (Theo Pollemans was voorzitter), daarna werd Herman Rutten voorzitter, vervolgens Piet Knol en Jacques Zanen, en toen die plannen had om in Zuid-Frankrijk te gaan wonen werd Nell voorzitter (Jacques kon Oudewater niet loslaten, en bleef toch maar hier). Jaap van der Laan organiseerde de eerste excursies en dat waren evenzovele hoogtepunten in het verenigingsleven.
Nell: “Maar de leden worden steeds ouder, en daarmee bedoel ik twee dingen: de aanwas met jonge leden houdt geen gelijke tred met de mogelijkheden van de oudere leden. En ga je met een bus ergens heen, dan moet je noodzakelijkerwijs wel eens een stuk lopen. Met de laatste excursie naar Den Briel, mensenlief! deelnemers met een wandelstok, met twee wandelstokken, met een rollator, met een scootmobiel, het leek wel een zonnebloemreis. Iedereen had het helemaal naar zijn zin hoor, daar niet van, maar het legt het gezelschap steeds meer beperkingen op.
In het begin gingen we met particuliere auto’s (Theo Pollemans maakte een schema wie met wie zou meerijden, druk als een baasje op het vertrekpunt) en smeerden we van tevoren broodjes. Later gingen we tussen de middag ergens lunchen. Tegenwoordig wordt zo’n reis door een reisbureau helemaal op maat voor je in elkaar gezet: vervoer, koffie, gidsen, lunch, (rekening houdend met diëten en wensen) maar daar hangt dan wel een prijskaartje aan; 2 x 60 euro is voor menig stel toch wel een hobbel. Misschien moeten we duidelijker en langduriger naar een excursiedoel toe werken, om er als het ware zin in te krijgen.
In elk geval is er voor het komende bestuur nog heel wat werk aan de winkel. Ik heb er alle vertrouwen in dat het bestuur onze kalender weer zal voorzien van vele mooie activiteiten en dat het museum zal bloeien.”
Otto Beaujon















