
In Memoriam John Doop
Door: Otto Beaujon AlgemeenOp tweede Paasdag overleed John Doop, 66 jaar oud en geen dag van zijn AOW kunnen genieten.
John knipte en schoor niet op afspraak, en je kon bij hem alleen met echt geld betalen. Een blik door het venster liet je weten hoeveel man (en wie) er vóór je aan de beurt waren. Koffie, vroeg hij als je je jas opgehangen had? Henk Paardekoper zaliger, een mens met lang haar tot onder zijn schouderbladen die heel niet van plan was dat te laten knippen, kwam elke ochtend alléén een kop koffie halen.
Terwijl John knipte en schoor, volgde hij de conversatie aan de leestafel en deed zelf af en toe een duit in het zakje, informatief, soms schamper. Met zijn geheugen als een ijzeren pot was hij zodoende altijd perfect op de hoogte van het laatste nieuws in de stad.
Tijdens de coronaperiode bleef John zijn vaste klanten gewoon knippen: “Kom maar binnen, jochie!” Het doosje met mondkapjes stond uitnodigend op het marmeren tafelblad.
Op een dag sloeg het noodlot toe: John kreeg een beroerte, met een motorische storing als gevolg dat hij niet meer kon knippen, laat staan scheren. Zoals hij later zelf vertelde: ik kon onmogelijk nog 200 knipbewegingen per minuut maken met de peperdure Japanse kappersschaar, het ging gewoon niet meer. Onthand.
Mia was altijd al een geweldige vrouw voor John, steeds opgewekt en goedlachs, en zij heeft hem er bewonderenswaardig doorheen gesleept. Geen kapper meer zijnde moest John wel op gewicht en in beweging blijven, en zodoende kon je hem dagelijks zijn rondje Oudewater zien lopen, diep weggedoken in zijn jas, altijd koud. Met zijn ijzeren geheugen was niks mis, en hij zegde onderweg iedereen die hij tegenkwam bij naam gedag. Een bekende die stopte en vroeg hoe het nu met hem ging kreeg een hand. Een praatje was een troost. Kwam er gelijktijdig iemand op de fiets voorbij dan riep John haar of hem na: “Dag mevrouw Van Bijsterveld, of Dag meneer Van den Hoogen,” (ken je me nog!)
Een mens om nooit te vergeten.












