
Veenweidegebieden Bilwijk en Graafkade
Door: Hester van der Vlist AlgemeenDe veenweidegebieden Bilwijk (de polder tussen Haastrecht en Stolwijk) en Graafkade komen volgens de plannen van provincie, betrokken gemeentes en waterschap aan de beurt om omgevormd te worden naar de nieuwste normen van Natuur Netwerk Nederland, voorheen de ecologische hoofdstructuur. De Gebiedsovereenkomst Krimpenerwaard voor 2014 -2021 moest bijgesteld worden en om de bewoners van het gebied daarover te informeren werd op donderdag 6 november een informatieve bijeenkomst in Concordia georganiseerd.
Enkele boeren hadden hun tractoren meegebracht - volgens de organisatie hadden de overheidsinstanties bij het opstellen van hun nieuwe plannen samengewerkt met de 24 grondeigenaren en agrarische ondernemers, maar er waren kennelijk mensen die zich niet gehoord voelden en dat heel emotioneel lieten blijken..
Het gaat om 2250 hectare extra veenweidenatuur (meer spontane plantengroei - minder raaigras) waarvan er nog 245 hectare in het gebied Bilwijk moet komen. Het Gebied Graafkade is 45 hectare groot.
Wat er komen moet, is volgens het nieuwe plan kruiden- en faunarijk (meer hazen, meer vogels) grasland, vochtig weidevogelgrasland, vochtig hooiland, waternatuur en echt moeras met waar nodig ‘moerasstapstenen’. Langs de ecologische verbindingszone komen zogeheten lage zegge-velden (zegges zijn planten uit de familie van de Cypergrassen. Alle zegge-soorten hebben een driehoekige stengel, het is maar dat je het weet). Het watersysteem wordt aangepast met onder andere een nieuwe waterinlaat vanuit de Vlist. In het hele gebied is bodemdaling een permanent probleem, maar door een beter waterbeheer en natuurontwikkeling is de bedoeling dat de bodemdaling zoveel mogelijk tegengegaan wordt. In het hele gebied komen natuurvriendelijke oevers en is het beleid gericht op verbetering van de waterkwaliteit.
De uitvoering moet grotendeels door de grondeigenaren (voor het grootste deel de provincie Zuid-Holland en de stichting Het Zuidhollands landschap, voor éénvijfde overige particuliere grondeigenaren) en boeren gebeuren; in ambtelijke termen heet dat zelfrealisatie.









