
Donderdag 20 juni: Wereldvluchtelingendag
AlgemeenOtto Beaujon
Wereldvluchtelingendag. Plaatselijke afdelingen (bijvoorbeeld in Gouda, in Woerden) organiseren ontmoetingen. Het UNHCR houdt in Hilversum een groot festival voor ‘ervarings-deskundigen’: mensen die gevlucht zijn, hun afkomst, hun toekomst, hun integratie, met zorgprofessionals als toehoorders. Warmte in een koud politiek klimaat.
Margriet de Wit uit Oudewater is van de praktische kant: zij is maatschappelijk begeleider bij het vluchtelingensteunpunt Groene Hart in Woerden, en vertelt op eigen titel wat dat inhoudt. Letterlijk gevlucht vanwege geloof of politieke overtuiging, via Ter Apel de procedures doorlopen, en dan als asielzoeker een nieuw bestaan in Nederland proberen op te bouwen nadat hij of zij binnen het steunpunt een huurwoning toegewezen krijgt.
Het inburgeringsproces start veertien dagen later, als de woning ingericht is. Het betreft de Nederlandse taal, een maatschappelijke stage, beroepsopleiding, kennis over de Nederlandse samenleving enzomeer. Daarvoor krijgen ze drie jaar de tijd. Na de inburgering volgt de naturalisatie tot Nederlander en krijgt de nieuwe landgenoot stemrecht.
De eerste ontmoeting met de maatschappelijk begeleider vindt altijd officieel plaats in het stadhuis of stadskantoor. De belangrijkste taak, zegt Margriet, “is de nieuwkomer de weg wijzen. Die nieuwkomer krijgt de sleutel van huis of appartement, en tekent voor een lening voor de aanschaf van de allernoodzakelijkste woninginrichting en een kwastje verf, en moet er zelf verder voor zorgen dat de woonruimte binnen twee weken bewoonbaar is. Hulp is er, in de vorm van lieve mensen die oude huisraad inzamelen en opslaan, en hen gratis ter beschikking stellen. Want met hun bescheiden budget kunnen ze weliswaar naar de kringloopwinkel, maar ze hebben geen vervoer, gaan auto, geen fiets.”
Die eerste veertien dagen zijn hectisch en kan de nieuwkomer alle hulp goed gebruiken, maar daarna - en Margriet is daar erg beslist in - is het vooral zaak ervoor te zorgen dat je als maatschappelijk begeleider de nieuwkomers niet te afhankelijk van je laat worden. De mensen zijn veelal niet afwachtend en ook niet lui en niet dom. Maar als we alles voor hen blijven doen dan leren ze niet om zelf de zaken te regelen en de weg te vinden. Zo maken we onze nieuwe medeburgers afhankelijk, en daar wordt niemand gelukkig van.” Meestal spreken ze trouwens al een woordje Engels naast hun moedertaal. Het Nederlands maken ze zich verrassend snel eigen.
“Natuurlijk ben je als gewezen vluchteling in je land van herkomst ook actief bezig geweest met je vlucht naar de toekomst, en dat zou je hier ook moeten kunnen, maar traumatische gebeurtenissen zitten soms in de weg. Zo kan het begeleidingspad voor de ene cliënt ten opzichte van een andere een uiteenlopend verloop hebben.” Margriet heeft op die manier op het moment vijf begeleidingstrajecten; een paar daarvan die zich vrijwel geheel zelfstandig kunnen redden. Contact is dan incidenteel, bij anderen helpt ze wat vaker.
Ondanks hun opleidingen in het land van herkomst kunnen vluchtelingen lang niet altijd aan het weer in hun oorspronkelijke beroep (als wiskundeleraar, of dierenarts) omdat hun diploma’s hier niet erkend worden. Margriet: “Ze nemen dan genoegen met ander werk, en zien dan dat ze soms voorbijgestreefd worden door hun kinderen. Enerzijds is dat natuurlijk iets om trots op te zijn, anderzijds soms frustrerend voor mensen die afkomstig zijn uit een cultuur waar de ‘vader van de familie’ een onbetwiste positie inneemt.” Margriet heeft veel voldoening van dit vrijwilligerswerk: “Ik voel wederzijds respect, de mensen houden me een spiegel voor en ik leer veel van ze. En zet er maar bij dat we altijd vrijwilligers nodig hebben.”















