
Houtsoorten
Door: Otto Beaujon AlgemeenEr gaat een wereld voor je open, als je toevallig kennis maakt met de hogeschool van het barbecueën. Bak je wel eens een sateetje of een burger op je Weber, of een perfecte rollade in je Big Green Egg, voor menigeen is dan de zak houtskool uit de supermarkt de handige, goed doseerbare, geurloze brandstof die witte as achterlaat.
We waren onlangs te gast op een braai, de barbecue van Zuid-Afrika. Een stalen vuurschaal van 1 meter 20 doorsnee, een driepoot er overheen, een hangend gietijzeren rooster waar met gemak een half varken of een flinke runderbil op paste, en daaronder een vuur, met vlammen.
Dat vuur werd gestookt met een houtsoort die ik nog nooit gezien had, gegroefd over de lengte, het kernhout was donkerrood en keihard. Uit zuidwest Afrika, vertelde mijn gastheer. Ter plekke in hompen van gelijke lengte gezaagd, en per container naar alle werelddelen verstuurd waar Afrikaanse braai momenteel de mode is.
Ik vroeg of ik zo’n stuk hout mee mocht nemen om er een boomschijf vanaf te zagen, voor mijn column. Dat mocht, en als ik dat stuk een ander keertje weer mee terug bracht, hoefde ik dat schijfje dat ik er af ging zagen niet te betalen, grapte hij.
Ik haalde de boeken erbij - het stuk hout leek familie van de mahonie-achtigen (Meliaceeën), en de soort heet in bepaalde delen van Zuid-Afrika Sapele. Maar in andere Afrikaanse landen heeft de soort in de houthandel ineens weer tientallen andere namen, vertelt het hout-vademecum, en in de handel is een houtmonster belangrijker dan de naam.
Het stuk Sapele kwam uit het assortiment houtsoorten-voor-de-barbecue van een bedrijf in ‘t Gooi dat vrijetijdsartikelen, hottubs, vuurputten en barbecues aanbiedt: alle naaldhout is bij hun taboe (alleen zalm mag ook op een vlak geschaafd stuk cederhout gebakken of gerookt worden). Ook een handvol loofbomen als eucalyptus, vijg en iep zijn ongeschikt voor ‘t barbecue-vuur, maar verder is er voor elk stuk vlees of vis wel een passende houtsoort te koop. En verder kun je elk hapje ook laten garen op eikenhout van oude Jack Danielsvaten: de whiskey (mèt e, want Amerikaans) zit er ingetrokken, en dat proef je, zeggen ze. (Momenteel is hout van Jack D een bestseller en is niet aan te slepen, aldus de adviseur). Dat heeft allemaal een hoog Nieuwe Klerengehalte, maar het is klaarblijkelijk een enorm gat-in- de-markt, in ons rijke land.
Otto Beaujon










