
Joost Miltenburg uitgeluid bij FC Oudewater
AlgemeenEven wat jaartjes ‘voetballen’ in Indonesië (en werken)
De vraag of hij genoeg heeft van het voetballen, wordt met een overduidelijke ontkenning beantwoord. Het tegenovergestelde is waar. “Ik mag dan 33 zijn, ik ben ervan overtuigd dat ik nog wel wat jaartjes mee had gekund”. Neen, het is bepaald niet zo dat Joost Miltenburg genoeg heeft van voetbal, maar soms zijn er maatschappelijke omstandigheden - zoals het kiezen voor een baan in het verre Indonesië - die ertoe nopen de voetbalschoenen aan de spreekwoordelijke wilgen te hangen.
Joost en zijn partner Daphne vertrekken in oktober naar het land waar hij in het verleden al enige maanden verbleef als onderdeel van zijn studie aan de Hogeschool Rotterdam. Daar bekwaamde hij zich niet alleen in de richting Internationale Handel, maar pakte hij er en passant chinees als extra taal bij. Dat laatste zal hij in zijn nieuwe werkkring niet voor de volle 100% gaan benutten, maar met zijn eerdere stageperiode als basis voorziet hij, gecombineerd met de Engelse taal, weinig problemen. Met het contract bij Marel Poultry Machinebouw op zak zal een langjarig verblijf in Jakarta de uitdaging vormen. Het huis is gekocht, de school voor Flo en Joes uitgekozen en ook voor de sportieve activiteiten kan worden voortgeborduurd op oude contacten. Niet in competitieverband, maar impulsief op aanwezige veldjes.
Maar even aan de wilgen
Het verblijf van de eerdergenoemde voetbalattributen aan het geboomte zal dan ook van korte duur zijn. “Ik kan absoluut niet zonder lichaamsbeweging, stilzitten is niet bepaald mijn ding”, zegt hij daarover. Het achterliggende voetbalseizoen in het eerste team van FC Oudewater had dan ook voor Joost een extra dimensie. Hij wilde, waarschijnlijk gemotiveerder dan zijn ploeggenoten, afscheid nemen met zoals dat in voetbalkringen heet ‘een prijs’. De prijzen binnen het voetbal worden echter net als bij andere sporten vergeven aan de meet. Maar het had er dit afgelopen seizoen alle schijn van dat FC Oudewater zich wel heel vroegtijdig over promotie kon ontfermen. Een voorsprong van ruim 10 punten is immers niet te versmaden. Het liep echter anders en tot de allerlaatste snik bleef het afscheidscadeau in een inmiddels verfomfaaid papiertje. Pas op de laatste dag van het amateurvoetbal werd de laatste promotiekans benut tegen FC Rozenburg. FC Oudewater was tweedeklasser en Joost had 20 minuten voor tijd de applauswissel van medespelers en publiek ondergaan. Missie voltooid! Voor Joost een mooie afsluiting van een succesvolle loopbaan in het eerste elftal van zowel Unio als FC Oudewater, waarbij hij een veertiental jaren deel uitmaakte van de A-selectie en relatief veel promoties meemaakte.
Een traan en veel vriendschap
Gevraagd naar wat hem het meest beroerd heeft tijden de loopbaan, antwoordt hij niet met het uitweiden over een van deze festiviteiten. De meeste emoties maakten zich van hem meester toen de promotiewedstrijd tegen Velo uit Wateringen, die toegang moest bieden tot de tweede klasse, in de slotminuten verloren ging. Dat leverde ook bij de doorgaans redelijk onderkoelde Joost ‘het wegpinken van een traan’ op. Ook een ander aspect van zijn voetbalhistorie passeert de revue. “Ik heb er een zeer hechte vriendenkring aan overgehouden. Daarin bevinden zich (ex)spelers van allerlei leeftijden die me zowel op het veld als daarbuiten bijzonder dierbaar zijn”. Daar ligt ook de basis van de extra afscheidswedstrijd die voor Joost georganiseerd werd en die spelers op de mat bracht die in het verleden voetballief en -leed met hem deelden. Ook hij is een de laatsten der Mohikanen als wij een blik werpen op de selectiefoto uit 2010. Slechts Menno Venhof is er ook op te zien.
Van doelman via de voorhoede naar de defensie
Het zoontje van oud-doelman en tevens oud-voorzitter Hans Miltenburg bracht een groot deel van zijn jeugd door rond het clubgebouw van Unio en zo snel als het mogelijk was verscheen hij als pupil tussen de lijnen. In zijn vroegste jeugd leek de functie van doelman voor hem weggelegd, maar allengs bekeerde hij zich tot een rol waarin hij de energie beter kwijt kon. Via de voorhoede belandde hij uiteindelijk via de standaardteams in verdedigende posities met gekoppeld aan het spelen in de A1 de zondagse reservebank bij Unio 1 naast Willem Berckenkamp de trainer van dienst. Onder Rob van den Wijngaard debuteert hij officieel in het seizoen 2010/2011. Sindsdien was Joost zoals dat heet ‘een vaste waarde’; die langzaam opschoof naar het centrum van de verdediging en zich bij voorkeur bemoeide met het opbouwende werk vanuit de defensie. Als het aantal gele kaarten een aanwijzing is voor het sportieve gehalte van een speler, dan scoort Joost bijzonder op dat vlak. Nooit was het een aanleiding om vroegtijdig het veld te moeten verlaten dan wel een schorsing uit te zitten. Het missen van de zondagse en zaterdagse wedstrijd vanwege blessureleed vond hij al erg genoeg, “Dat verpestte bijna mijn afscheid nog, maar gelukkig waren mijn medespelers zo bereidwillig het seizoen enigszins te rekken”, concludeert hij. Om er aan toe te voegen: “Wij hebben onze contributie volledig benut. Iets dat onze aanhang heeft moeten doorstaan, maar die hebben we uiteindelijk een mooi slot, een groot feest en spelen op een hoger niveau geschonken”.
Oude garde
Een applauswissel bij de laatste confrontatie van het achterliggende seizoen vonden de medespelers van Joost wel wat mager. Om die reden organiseerden zij een wedstrijd tussen de huidige eerste-elftalspelers en de ‘oude garde’ met wie Joost tijdens zijn carrière ten strijde trok. Onder anderen Kuma Rietveld, Nick van Baaren, Gijs Kautz, Silvester Hoogeveen en Remco de Rijk maakten hun (r)entree. Joost vond het een mooie blijk van waardering en zal gegarandeerd blijven sporten. “Ik kan me een leven zonder beweging niet voorstellen. Wat is er mooier dan lekker een wedstrijdje spelen en vervolgens een biertje doen met je vrienden?”
Zou het antwoord zijn: ‘een potje tennis met Daphne’?
Gerard van Hooff















