<p pstyle="BODY">Montfoortenaar Berend Jan Langenberg is benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.</p>

Montfoortenaar Berend Jan Langenberg is benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

(Sjoukje Dijkstra)

Montfoortenaar Berend Jan Langenberg benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau

Afgelopen woensdag werd Berend Jan Langenberg uit Montfoort compleet verrast. Terwijl hij een leuk afscheidsetentje had georganiseerd voor medebestuursleden van Stichting Theater in Nederland (TiN), werd hij zelf in het zonnetje gezet. Niemand minder dan burgemeester Petra van Hartskamp kwam hem een Koninklijke Onderscheiding overhandigen. Berend Jan werd benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau voor zijn niet aflatende werkzaamheden in de culturele sector. Bijna vijftig jaar zette hij zich niet alleen professioneel, maar ook als vrijwilliger in voor verschillende instellingen. Nu gaat hij genieten van zijn pensioen: “Golfen bij Haarzuilens.”

Voor de stichting Theater in Nederland (TiN) zette hij zich gemiddeld 20 tot 25 uur per week belangeloos in. De stichting is belangrijk voor het behoud van de nationale theatercollectie. Dankzij deze collectie kunnen regisseurs, dramaturgen en andere kunstenaars inspiratie opdoen en zich verrijken met het culturele verleden van Nederland. Zijn partner Wilfred Kemp die hem in het diepste geheim voor de onderscheiding had opgegeven, vertelt dat het aardig wat voeten in aarde had om dit voor elkaar te krijgen. “Toen ik ermee bij het gemeentehuis kwam, was het tegelijkertijd ook: ‘Deze man heeft zoveel gedaan. Hij had al veel eerder een lintje moeten krijgen’.”

Berend Jan Langenberg vertelt overrompeld te zijn. “Ik moest wel even schakelen. Ik had dit etentje bedacht om juist mijn medebestuursleden te bedanken en in het zonnetje te zetten, toen ging het toch over mij.” Hij houdt er eerlijk gezegd niet zo van om in het middelpunt te staan, geeft hij toe. Wilfred zegt: “Bescheidenheid was ook juist een van de aanbevelingen, waarom we vonden dat hij deze onderscheiding verdiende.” “Dienstbaarheid hoort nu eenmaal bij wat ik mijn hele leven al doe”, vult Berend Jan aan. “Ik heb in het theater aan de zakelijke kant gewerkt, en aan de universiteit ook de zakelijke kant van de culturele sector gedoceerd. In die rol ben je voorwaardenscheppend voor de kunstenaar, de artiest of de acteur. Je wilt dat alle aandacht naar hen gaat, naar de schrijver, naar de acteur.”

Bewondering

Toch heeft juist de bewondering voor artistieke prestaties hem altijd gedreven in zijn werk. “Daar wilde ik op mijn manier graag wat voor terug doen. In de culturele sector in Nederland ben je vaak aan het vechten tegen de bierkaai, omdat het cultureel bewustzijn in Nederland zo dun is. Je wilt dat er meer aandacht komt voor de kunst in Nederland dan er is.” Hij vertelt hoe alle werk in 2013 met een pennenstreep door kabinet Rutte I om zeep werd geholpen. “Kunst en cultuur werden gezien als decadent, niet belangrijk. Mede ook door de grote invloed vanuit de PVV toen.” Hij memoreert hoe hij hoorde dat het Nederlands Theater Instituut op de fles ging en dat zijn voorganger met tranen in de ogen had gezegd alles te hebben geprobeerd. Hij had zelfs een privégesprek gehad met de toenmalige staatssecretaris van cultuur. Heel tekenend van die tijd toen, was dat zelfs die had gezegd: ‘Wat moet ik met die oude rotzooi’.”

Rituelen

Hoewel hij nu gepensioneerd is, zal hij zich nooit helemaal van de culturele sector kunnen losmaken. “Dankzij de enorme inzet, betrokkenheid en bevlogenheid van de heer Langenberg is de collectie behouden, waardoor dit cultureel erfgoed voor de toekomst bewaard is gebleven”, zo staat er in het persbericht geschreven vanuit de gemeente Montfoort.

Acht jaar maakte hij zich hard om weer structureel subsidie te krijgen. Die is nu gewaarborgd tot 2024. Wilfred zegt: “Hij was al met pensioen, maar maandag tot vrijdag was hij van 09.00 tot 13.00 uur hier druk mee. Twee tot drie keer per week ging hij naar Amsterdam, hij had dan ook lunches en etentjes. En ik vroeg wel eens: ‘Declareer je dat dan ook?’ Hij zei altijd dat dit niet zo was, en dat dit zijn bijdrage was aan de samenleving. Ik vond dat goed, maar dan mag de samenleving ook wel eens iets terug doen’.” Als Rooms Katholiek vertelt hij erg van de rituelen te zijn. “Dan is zo’n afscheid met een onderscheiding natuurlijk passend.” Dat hun ouders het niet meer hebben mogen meemaken, vinden ze wel jammer. “Ze waren vast trots geweest”, aldus Wilfred.

Groene Hart

De twee wonen sinds vijf jaar in Montfoort. Wilfred is er geboren en getogen. Hij ging dus weer terug naar zijn roots. “We zijn van het culturele hart naar het Groene Hart verhuisd”, lacht hij. “We hadden eerst het Concertgebouw in de achtertuin, nu hebben we koeien in de achtertuin.” Beiden genieten ervan, en vinden het mooi wonen hier. Berend Jan is ook blij dat hij zijn hobby weer kan oppakken. “Bij Haarzuilens kun je echt heel mooi golfen”, zegt hij. En dat is precies wat hij de komende tijd heel veel wil gaan doen.

Sjoukje Dijkstra

Meer berichten