pr

Bij Tjonkie Food snijdt het mes aan twee kanten

Vijf jaar alweer bestaat Tjonkie Food en het is onverminderd voor een flink aantal mensen een bijzonder fijn steuntje in de rug, want lang niet iedereen heeft het echt gemakkelijk als het om goede voeding gaat. Maar minstens zo belangrijk is het bevorderen van duurzaamheid en het tegengaan van verspilling wat destijds de drijfveren waren om Tjonkie Food in het leven te roepen. En door de activiteiten van deze organisatie wordt in Oudewater nu steeds minder voedsel weggegooid. Tjonkie Food is dan ook heel blij met alle giften en met de hulp en steun van onder andere Jan van Dam die, nadat ze noodgedwongen moesten vertrekken uit Tjonkie, bij de Van Dam Group een goed onderkomen vonden, een heel goed onderkomen zelfs.

Duurzaamheid en armoedebestrijding

Mieke Stalvord liet eerder weten dat zij in 2017 zijn begonnen als levensmiddelenweggeefgroep: “En daar hadden we twee redenen voor: in de eerste plaats was daar de duurzaamheid - want weggooien van voedsel zou natuurlijk zeker niet moeten - en in de tweede plaats armoedebestrijding, want ook dat was en is nog steeds hard nodig.”

Tjonkie Food in Oudewater werkt nauw samen met het Stadsteam, Schuldhulpmaatje en Vluchtelingenwerk en natuurlijk ook met de Voedselbank. Wat die laatste betreft weten ze van elkaar wat ze doen: “Na drie jaar stopt de hulp van de Voedselbank namelijk; dat staat nu eenmaal in hun reglementen. Dan blijven er kwetsbare mensen over die toch nog steeds of later opnieuw in de problemen komen. En wij vinden dat best heftig. Bij de Voedselbank kloppen op dit moment ruim twintig gezinnen aan en bij ons zijn dat er bijna veertig. En we weten dat er nog meer mensen zijn voor wie een steuntje in de rug goed zou zijn, maar die blijven onder de radar. We hopen wel dat mensen die wat extra’s goed kunnen gebruiken zich komen melden. Ze zijn welkom.”

Nadeel bleek uiteindelijk voordeel

“Tjonkie Food moest na de verkoop van het pand aan de Touwslag - van de gemeente aan de Stichting Tjonkie - een ander onderkomen zoeken”, vertelt Mieke. “Dat was nog een hele puzzel; de gemeente stelde en stelt onze activiteiten nog steeds bijzonder op prijs, maar kon ons geen ruimte bieden. In dit proces heeft Ynnit de Jong een enorme bijdrage geleverd door op zoek te gaan naar een geschikte ruimte en uiteindelijk kwam ze bij Jan van Dam terecht met de vraag of hij geen geschikte ruimte beschikbaar had. En die hebben we nu; en wat voor een! Over de ruimte waar we nu onze voorraad en ons uitgifteloket hebben, mogen we, in tegenstelling tot de vorige, permanent beschikken en hij is nog eens groter ook; zo’n 35 m2. De vriezers die eerst in Montfoort stonden, kunnen hier gewoon blijven staan. Al met al een groot geluk bij een ongeluk.

Eén keer per week, op woensdag- of vrijdagochtend, mogen mensen hier hun voedselpakket komen halen. Wij krijgen dat weer van de Jumbo - we halen er zeven dagen van de week de derving op, die nog helemaal goed is - van bakker Treur, van slager Ultee en andere berdrijven - zo levert Piet Wiltenburg ons eieren voor een … appel en een ei, zullen we maar zeggen. Maar als de Voedselbank of Weggeefgroep Woerden, waar we ook goed mee samenwerken, iets over heeft, leveren ze dat ook bij ons af. En andersom natuurlijk ook. Zo krijgen we nogal eens eetwaar die verkeerd afgeleverd is, die per ongeluk verkeerd verpakt is, of bijna over de datum. Je kunt veel dingen meestal langer bewaren dan op de verpakking staat. We houden ons aan de officiële richtlijnen die ook voor de Voedselbanken zijn opgesteld. En zo doen we én aan duurzaamheid én aan een beetje extra aandacht voor mensen die het niet zo breed hebben.”

Ingeleverde kaartjes van de Postcodeloterij: 1000 euro

“Vorig jaar”, gaat Mieke Stalvord verder, “vroegen we voor het eerst aan mensen om het tegoedkaartje dat zij van de Postcodeloterij voor bepaalde producten kregen aan ons te doneren. Toen liep dat al goed, maar dit jaar nog beter. We hebben voor zo’n 1000 euro aan potgroenten, blikken tomatenblokjes, pasta, rijst, kruiden, enzovoort, in kunnen slaan. En wat betreft de verse producten zijn we afhankelijk van wat we krijgen. Vandaag krijgen we misschien van alles en morgen misschien niks. Het gaat bij ons vooral om brood, groenten, fruit en vlees, maar soms hebben we ook koekjes en ander lekkers. Wat zijn we blij met de mensen die hun kaartje aan ons gaven; ik ken ze niet, maar er gooien zoveel mensen hun kaartje bij mij in de bus. Ik ben daar echt heel blij mee.” Natuurlijk is er nog wel behoefte aan meer vrijwilligers, maar de ploeg van zo’n zeven mensen kan het aardig bolwerken. Eén van die vrijwilligers, Astrid Meijers, nam het initiatief om een aanvraag te doen bij het Armoedefonds, die tot onze grote vreugde werd gehonoreerd.

Leerprocessen

“We laten, als dat nodig is, ook weten wat je met bepaalde producten kan doen; een pompoen is daar een goed voorbeeld van. We vertellen ook dat de mensen moeten kijken naar wat ze hebben, wat ze krijgen en wat ze daar vervolgens mee kunnen maken.”

Mieke Stalvord eindigt met het dubbele in haar vrijwilligerswerk: eigenlijk vindt ze dat dit allemaal niet nodig zou moeten zijn, als inkomens en uitkeringen op een redelijk niveau zouden zijn, maar nu die dat niet zijn, is ze blij dat ze dit voor anderen kan doen: “Na de vijf jaar dat we nu bezig zijn, zijn we onder de huidige omstandigheden, nog steeds hard nodig. En wíj´ hebben ook veel geleerd: we zijn beter gaan samenwerken en kunnen dan ook steeds beter in een behoefte voorzien. Daar ben ik blij om.”

Aad Kuiper

Meer berichten