
Gemeente Montfoort presenteert sluitende begroting aan gemeenteraad
Algemeen‘Zijn we in hiep hiep hoerastemming? Nee, we blijven afhankelijk van het rijk’
Het is gemeente Montfoort gelukt om een sluitende (meerjaren)begroting te presenteren aan de gemeenteraad. Afgelopen week gaf het college van burgemeester en wethouders aan hierover voorzichtig positief te zijn. Voor het komende jaar betekent het dat de hand op de knip blijft: geen knaken voor nieuwe taken. Wethouder financiën Herman van Wiggen licht toe: “Je wilt geen grote nieuwe investeringen doen, waar een volgend college mee geconfronteerd zou worden.” Bestaande en lopende projecten, onder andere met betrekking tot scholenbouw, zullen volgens hem gewoon doorgang vinden.
Vorig jaar werd bekend dat de gemeente Montfoort onder verscherpt financieel toezicht van de Provincie Utrecht gesteld werd. “Nu is het gemeente Montfoort toch gelukt om de tekorten weg te werken”, zegt Van Wiggen niet zonder trots. Hij is blij dat de gemeenteraad instemde met een herstelplan, waarbij voorzieningen en de kwaliteit van de dienstverlening behouden bleven. “Een zwembad is zó gesloten, maar probeer het maar weer eens open te krijgen.” Gerefereerd werd aan het voorbeeld van de bibliotheek, waarvan het dit college pijn en moeite kostte om die weer terug te brengen. “We hebben nu een reëel sluitende begroting met als gevolg dat we in de jaren ‘21, ‘22 en ‘23 te maken hebben met overschotten. Opgeteld twee miljoen. Daardoor verbetert onze vermogenspositie, algemene reserve en ons weerstandsvermogen”, zei hij.
Eenmalige uitkering
In Utrecht staan de gemeenten Montfoort en Woudenberg in 2021 onder verscherpt, preventief toezicht van de provincie Utrecht. Dit betekent in de praktijk dat deze gemeenten voor bepaalde uitgaven toestemming aan de provincie moeten vragen. Burgemeester Petra van Hartskamp zei dat gemeente Montfoort bovendien in de ongelukkige positie verkeert van het rijk niet veel te krijgen. Zij lichtte toe dat de hoeveelheid geld die de gemeente van het rijk ontvangt, afhankelijk is van onder andere het aantal inwoners en de oppervlakte van de gemeente. “Wil je bestuurlijke verantwoordelijkheid dragen, moet je goed geld krijgen voor de taken. Of je nu groot bent of klein”, betoogde zij. Wethouder Ivo ten Hagen liet weten dat gemeente Montfoort dit jaar acht ton extra had gekregen op gebied van jeugd. “Dat was een eenmalige uitkering uit het gemeentefonds, maar het is een bedrag wat we structureel zouden moeten krijgen.” De overheid was volgens hem geen betrouwbare financiële partner gebleken. “In het voorjaar zag het er nog negatief uit. Het is daardoor lastig om werk voor te bereiden voor de begroting. Je weet nooit waar je aan toe bent.”
Volgens wethouder sociaal domein Yolan Koster zijn de twee grote bloeders WMO en jeugdzorg. Dat WMO niet oplosbaar bleek, komt volgens haar omdat inwoners ongeacht inkomen, aanspraak kunnen maken op huishoudelijke hulp, wanneer zij daar fysiek gezien recht op hebben. “Het aantal mensen dat hier beroep op heeft gedaan, is gegroeid.” Liefst zou zij zien dat de gemeente een financiële toets mag doen, maar dat is niet toegestaan. Ook op gebied van jeugdzorg liet zij weten dat er ontwikkelingen waren. Zo is de acht ton, waar Ten Hagen aan refereerde gebruikt voor reparatie en gedeeltelijk toegevoegd aan de (meerjaren)begroting voor de gemeente. “Tegelijkertijd moet het rijk nadenken over hoe complexe jeugdzorg ingericht moet worden in Nederland. Wat voor gevolgen gaat dat hebben, van die zogenaamde gecertificeerde instellingen, waarbij kinderen langdurig binnen de muren van zo’n instelling verblijven. Dat is hele dure zorg.”
Sober
Mede daarom wil de gemeente Montfoort de komende periode sober met geld blijven omgaan, aldus de burgemeester. “Elke circulaire geeft een ander beeld. Daartegen ageren wij, want daar kun je slecht op besturen.” Toch zijn er volgens Van Wiggen wel potjes voor bepaalde zaken, zoals straatmeubilair dat vervangen moet worden. Ten Hagen reageerde tevreden te zijn met de begroting: “Als je naar de kerngetallen kijkt - en het deel waar we invloed op hebben - dan wordt dat steeds beter. Van het rijk krijgen we dan weinig zekerheid, maar binnen eigen mogelijkheden gaan we er nu strak mee om. Dat mag best benoemd worden”, aldus de wethouder die ruimtelijke ordening en wonen in zijn portefeuille heeft. Dat beaamt Van Wiggen: “Zijn we in hiep hiep hoerastemming? Nee, we blijven afhankelijk van het rijk. De lobby bij het rijk onder aanvoering van een strijdbare burgemeester heeft al tot resultaat geleid. Zeker bij de herijking is het van belang om op de bok proberen te zitten en mee te sturen. Met deze reëel sluitende begroting hopen we dat we onder het toezicht van de provincie uitkomen.”
Sjoukje Dijkstra







