De schaamte voorbij

De schaamte voorbij

Deze week moet duidelijk worden wie binnen onze regering de verantwoordelijkheid neemt voor de uit de hand gelopen kinderopvangtoeslagregeling. Òf er iemand verantwoordelijkheid neemt. Ook in Oudewater zijn gezinnen door de harde toepassing van de harde wetsregels op de rand van de afgrond gebracht. Uitvoerende ambtenaren die het in hun onderlinge appgroepjes hadden over afpakjesavond als ze weer iemand wegens een spelfout triomfantelijk op een boete van zevenduizend euro plus terugbetaling trakteerden. Gemakkelijk scoren was dat in het klassement van de hoogste boetes. Ja, het waren allochtonen, en ja, ze waren in de Nederlandse taal ondanks hun inburgeringsdiploma halve analfabeten die alle formulieren naar beste weten hadden proberen in te vullen.

Ik wil er niet aan denken, maar ik denk erover, tegen wil en dank. Ik schaam me als ik de slachtoffers van toen op straat tegenkom. Schichtig wegkijkend, alsof ze zich schuldig voelen. Hoe één van die mensen me om hulp vroeg en ik, naïeveling, dacht de dame in kwestie met een beleefd briefje aan de anonieme belastinginspecteur te helpen: Beste inspecteur, dit mag toch hopelijk een vergissing zijn? Geen antwoord, ook op het rappel niet, telefoon wordt niet opgenomen. Nog maar een aangetekende brief. Advies gevraagd aan mijn eigen belastingadviseur. Tsja, ik weet ervan, ‘t Is de wet hè? Maar ze zijn wel lekker bezig, dat wel. Sorry, ik kan niets voor je betekenen. Schuldhulp van de gemeente: een zoektocht op de hei. Schuldhulpmaatje van de kerken? Sorry, ik kan u niet helpen, misschien moet zij een advocaat in de arm nemen? En waarvan moet zij die betalen?

De mannen en vrouwen in de torens van de belastingdienst hadden geen schaamte, hèbben geen schaamte. Hun baas had tijdens de verhoren buikpijn, alsof hij net een bedorven oester op had. Ontslag heeft hij niet genomen. Rutte was er twaalf jaar lang bij, wist het en deed niks. Wiebes zette de grote rooftocht van de belastingdienst in gang, maar kent geen schaamte. Ascher liep op de regering vooruit door alvast spijt te betuigen, maar is net zo onbeschaamd als al die andere ministers en staatssecretarissen die al die jaren wanneer hun collectieve misdrijven hen op een onbewaakt ogenblik weer eens in gedachten schoten een stevige borrel inschonken om het zo snel mogelijk weer te vergeten.

Na twaalf jaar: geachte leden van de commissie, ik heb, nu ik hier zit voor verhoor er ineens buikpijn van, mag ik alstublieft weer terug naar mijn kantoor? Staatssecretarissen die het gingen regelen voor die twintigduizend gedupeerden, maar die na een jaar pas tweehonderd slachtoffers hebben laten verhoren, laat staan terugbetalen. Hoe kunnen die mensen (ik bedoel die politici) voort met hun leven? Aftreden en solliciteren naar vrijkomende burgemeestersbanen? Ik moet het nog zien. Vermoedelijk zitten alle ambtenaren straks nog gewoon op hun plek, en staan de politici in maart gewoon weer op de kieslijst. Voor 17 maart kunt u alvast doorstrepen: Tamara van Ark, Mark Rutte, Frans Weekers, Erik Wiebes (VVD), Lodewijk Ascher (PvdA), Menno Snel, Alexandra van Huffelen (D66).

Otto Beaujon

Meer berichten