
'Burgermeester van Linschoten' Bert van Dijk neemt afscheid
AlgemeenAltijd was hij in voor een grap en een grol, Bert van Dijk was de afgelopen jaren een bekend gezicht achter het loket bij het Huis van Montfoort. Grote kans dus dat je hem tegenkwam bij het aanvragen van een paspoort, rijbewijs of regelen van een huwelijk. In oktober neemt hij afscheid, na 23 jaar. "Ik ging fluitend van het werk en fluitend ernaartoe", aldus Bert. Het afscheid nemen valt hem wel zwaar, met name van de mensen. "Montfoortenaren zijn wat bourgondischer en Linschotenaren wat rustiger", zegt hij. "Mij maakt het niet uit waar ze vandaan komen. Ik hou van mensen."
De mensen houden ook van hem. In Linschoten, bij buurthuis De Vaart waar hij zijn carrière voor de gemeente begon, noemen Marokkaanse jongeren hem liefkozend de 'Burgermeester van Linschoten'. Hij moet erom lachen. "Ze zien me als een vaderlijk figuur, een burgervader. Ook omdat ik ze wel eens bij de kladden heb gegrepen als dat nodig was." Bij De Vaart, vroeger het zalencentrum, was Bert verantwoordelijk voor allerlei klusjes: reparaties, afspraken met klanten, boekhouding, enzovoorts. Door een hernia kon hij zijn werk niet meer doen en vroegen ze hem aan het loket. Eerst twijfelde hij, maar na twee weekjes proefdraaien was het snel duidelijk. Het loket lag hem wel, maar dat hij het zo lang zou doen, had hij niet gedacht. 23 jaar later zegt hij: "Ik had niet gedacht dat ik het zo leuk zou vinden."
Poppenkast
Waren er 's ochtends kinderen bij, dan opende Bert de deurtjes, alsof het een poppenkast was. "Goedemorgen, hier is Jan-Klaassen. Katrijn komt er zo aan", zei hij dan. Het werd wel gewaardeerd door de kinderen. Ook maakte hij keer op keer het grapje als hij naar zijn loket toeliep: "Momentje, ik ben er zo, als ik niet in de file sta." Het is typerend, voor hoe hij in het leven staat en hoe hij zijn werk deed. "Kwamen mensen sikkeneurig binnen, dan was het voor mij de uitdaging om ze toch met een lach te laten vertrekken."
Hij kan zich nog goed de begintijd herinneren, toen ze nog zelf de paspoorten in elkaar draaiden. Ook daar leerde hij veel van. "Ik vergat een keer bij een man om zijn lengte te vragen. Toen hij zijn paspoort kreeg, zei hij dat het niet klopte, want hij was twee centimeter gekrompen. Hij stond erop dat het aangepast zou worden. Sindsdien vroeg ik altijd de lengte." Doordat hij na zoveel jaren ervaring geroutineerd te werk kon gaan, kon hij meer aandacht hebben voor de mens erachter. De automatisering heeft volgens hem veel goed gedaan, en de wachttijd voor de mensen echt verkort. "Vroeger konden mensen hier gerust een half uur zitten. Nu is dat niet meer zo. Dat scheelt ook qua personeelsbezetting."
Vertrouwen
Naast het loket hield Bert zich ook bezig met notarissen, advocaten en gezag regelen. Het allerleukste vond hij het loket. Dat hij in al die jaren van inwoners het vertrouwen heeft weten te winnen, vindt hij het mooiste resultaat van zijn werk. "Je staat versteld wat mensen je soms vertellen. Dat roert mij. Als je van mensen houdt, zijn het juist de dingen die ze je vertellen, die je raken. Of ze nou jong of oud zijn, dat maakt niet zoveel uit eigenlijk. Soms zeiden mensen wel eens: 'Ben je nou nog niet met pensioen'. Dan zei ik wel dat mijn vrouw me nog niet thuis wou hebben."
Contracten van 60 jaar
Hij vertelt dat mensen van de ambtenarij verwachten dat ze bloedserieus zijn. "Natuurlijk moet je een gevoel ontwikkelen wat je wel en niet kunt zeggen. Bij het paspoort aanvragen, maakte ik geregeld een grapje. Bijvoorbeeld bij het vingerafdruk maken. Dan zei ik: 'Nou moet je even zuchten, je vinger erop houden en je linkerbeen optillen." Hij grinnikt terwijl hij het vertelt. "Mensen doen het ook gewoon."
De Grote Baas heeft altijd werk voor mij
Aan zijn loket kreeg hij ook veel jonge mensen die in Montfoort willen trouwen. "Soms zei ik dan: Weet je wel zeker dat je hier wilt trouwen? We hebben alleen contracten van 60 jaar. Ik werk altijd met een stukje humor", lacht hij. Toch heeft hij het ook graag over serieuzere onderwerpen. Zo speelde het geloof voor hem in zijn werk ook een grote rol. "Ik geloof dat God van alle mensen houdt, alleen willen niet alle mensen van God weten." Hij heeft met heel wat mensen gebeden, die aangaven dat ze daar behoefte aan hadden. "Het bijzondere was dat ik elke dag aan God vraag: “Wilt U iemand op mijn pad brengen die ik over U mag vertellen”. Dat gebeurde vaak. Hij wil nu dan echt gaan evangeliseren. Misschien wel in verpleegtehuizen. "De Grote Baas heeft altijd werk voor mij…" Stil zitten zal hij dus allerminst. Bovendien heeft hij vier kleinkinderen, waar hij volop van geniet. "Dat zal niet per se extra worden. We genieten nu al optimaal van ze, en ze hebben ook allemaal een eigen leven, met school enzovoorts…" Wat Bert betreft zal zijn leven er niet veel anders uit gaan zien: "De werkplek wordt anders, en de ontmoetingen wat vrijer."
Sjoukje Dijkstra









