<p pstyle="BODY">Montfoortenaar Jorrit Dingemans bracht recent zijn debuutroman uit, onder pseudoniem Lars Roerdink.</p>

Montfoortenaar Jorrit Dingemans bracht recent zijn debuutroman uit, onder pseudoniem Lars Roerdink.

(Sjoukje Dijkstra)

Montfoortenaar Jorrit Dingemans brengt debuutroman uit

Hij schrijft onder het pseudoniem Lars Roerdink, Montfoortenaar Jorrit Dingemans bracht onder die naam recent zijn debuutroman uit: The Heart of Dixie. Met deze roman, die grotendeels autobiografisch is vertelt hij het verhaal van een tiener in het Alabama van 1991. Als zestienjarige was hij daar gedurende een jaar op uitwisselingsavontuur. Hij liep al langer rond met het idee om daarover te schrijven. Vijf jaar geleden tijdens een tweemaandelijkse sabbatical van zijn werk, begon hij aan zijn boek: "Veel ervaringen van toen zijn nog steeds actueel." Hij refereert hiermee aan armoede en rassenongelijkheid, wat volgens hem in de afgelopen jaren alleen maar erger is geworden.

De schrijver meent dat dit het boek juist nu heel relevant maakt. "Het verhaal is voor iedereen die de jaren '90 actief heeft beleefd, een feest der herkenning. Onder andere met films uit die tijd en heel veel muziek. Ik krijg ook terug van vrienden dat zij die herkenbare momenten en de cynische humor erg leuk vinden." Jorrit beschrijft zijn boek als 'coming of age' roman, omdat hij in het boek beschrijft hoe hij versneld volwassen wordt tussen de katoenplantages. Als 16-jarige was hij nog vrij naïef en onbevangen. Alles wat hij van Amerika wist, was wat hij in tv-series als Miami Vice zag. "Alabama is een heel andere omgeving. Het is een van de armste staten van Amerika. Mensen hebben daar een hele kleine wereld en zijn heel bang voor alles en iedereen. In die tijd waren ze vooral bang voor de Russen, en bang dat wereld zou vergaan. Iedereen had een stapel geweren in de kast, voor het geval de Russen zouden komen. Dat was hun wereldbeeld. Echt heel anders dan hoe we in Nederland dachten. Mensen daar waren ook erg oordelend. Alles wat anders was, was bij voorbaat slecht. Of je nou zwart was, Europeaan of iets anders dan protestants." In die zienswijze ziet Jorrit nu ook dat het voor veel mensen "een manier was om de eigen dromen overeind te houden". "Uiteindelijk was het leven voor hen niet heel fijn, omdat ze altijd maar hard moesten werken en arm bleven. Toch zie je ook dat er mensen waren die daarvan afstapten. Op een gegeven moment ben ik midden in het jaar op straat gezet. Gelukkig werd ik opgepikt door een andere familie. Mensen kunnen dus uiteindelijk afwijken van hetgeen ze is ingeprent. Het is een keuze." Terwijl hij in Alabama zat leerde hij ook meer over het gezin waar hij zelf uitkwam: "Soms moet je weggaan om te snappen waar je vandaan komt."

Vlag verbranden

Als jonge tiener deed hij destijds ook dingen, die hij nu zeker anders zou aanpakken. "De laatste avond had ik een afscheidsfeestje met een stel vrienden. Toen liepen we in het donker over een spoorbrug op 20 meter hoogte. Dat zou ik nu niet gedaan hebben. Als ik mijn kinderen ooit zo'n reis zou laten ondernemen, zou ik ze dat toch afraden", zegt hij met een lach. Ook vertelt hij hoe hij op school Staatsinrichting volgde. Tijdens de les werd de vraag gesteld wat te doen met mensen die de vlag verbranden. Mijn blunder was toen dat ik zei dat het me niet zo zou interesseren, want als het je eigen vlag is, wat is dan het probleem? Dit soort symbolen ligt heel gevoelig in Amerika. Dat had ik achteraf beter niet kunnen zeggen."

Ontwikkelingsbank

De 46-jarige auteur is in het dagelijkse leven werkzaam bij de Nederlandse Ontwikkelingsbank in Den Haag, een bank die zich bezighoudt met het financieren van projecten en bedrijven in ontwikkelingslanden. In normale omstandigheden zit hij dan ook een keer per maand in het vliegtuig. Hij doet dat al veertien jaar. In Montfoort woont hij al twaalf jaar. "We zijn helemaal geïntegreerd", zegt hij. Zijn kinderen, die inmiddels 14, 12 en 11 zijn, hebben allemaal in Montfoort op school gezeten. De jongste gaat volgend jaar naar groep 8 van de Hobbitstee. Hij houdt van dit stadje. "Doordat alles zo dichtbij is, kunnen de kinderen zelfstandig overal naar toe. Dat is toch wel een voordeel in verhouding met een stad als Utrecht."

Inspiratie

Hij vertelt dat lezers die zijn boek en schrijfstijl waarderen zeker meer van zijn hand kunnen verwachten. Het schrijven bevalt hem goed. Voor een volgend boek heeft hij al een onderwerp in gedachten. Veel wil hij daar nog niet over zeggen, behalve dan dat het een boek in het science fiction genre moet worden, met verschillende verhalen. "Het is zo'n leuk genre. Je kunt je fantasie ongelimiteerd zijn werk laten gaan. Ik ben begonnen met iets dat dichterbij mij ligt. Nu waag ik een sprong in het diepe met verhalen over hoe de wereld er over honderd jaar uit zou kunnen zien." Inspiratie voor zijn schrijven vindt hij in zijn reizen en de verschillende mensen en ontwikkelingen die hij ziet in de landen waar hij komt. Als de coronacrisis voorbij is, zou hij graag weer zijn koffers pakken. Gevraagd naar het eerste land waar hij naar toe zou willen reizen, als het weer mag, zegt hij volmondig: "Georgië! Dan heb ik het over zakelijke reizen. Dat is zo'n leuk land met fantastische mensen. We hebben een investering daar in Spar supermarkten en het is elke keer leuk om naar toe te gaan." Met zijn familie zou hij ook nog graag een grote reis ondernemen. Bovenaan zijn bucketlijst staat Argentinië. "Voor mijn werk ben ik daar een aantal keren geweest. Ik zou er graag doorheen willen reizen met vrouw en kinderen."

'The Heart of Dixie' is verkrijgbaar op bol.com en rechtstreeks via uitgeverij Gopher.

Sjoukje Dijkstra

Meer berichten